Gevangenisstraf van 14 maanden voor bedreiging met terroristisch oogmerk
Terroristisch oogmerk

Het was de vraag of hier sprake was van een bedreiging met terroristisch oogmerk. De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. beantwoordt die vraag bevestigend. Onder terroristisch oogmerk wordt, zoals blijkt uit artikel 83a van het Wetboek van Strafrecht, onder meer verstaan het oogmerk om de bevolking of een deel daarvan ernstige vrees aan te jagen. Gelet op de openbaarheid van het medium waarop de verdachte zijn bedreigingen uitte, de inhoud daarvan – het om het leven brengen van politici, politieagenten en anderen, waarbij de verdachte met zijn verwijzing naar de daden van Anders Breivik kennelijk doelde op een groot aantal slachtoffers – en de impact die dergelijke daden op het openbare leven zouden hebben, kan niet anders gesteld worden dan dat de verdachte daarmee ook tot doel had de bevolking van Nederland vrees aan te jagen en er aldus sprake was van een terroristisch oogmerk en daarmee van een terroristisch misdrijf.
Opruiing
Met de opruiing heeft de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. bovendien bijgedragen aan ondermijning van de openbare orde, door anderen aan te zetten tot het begaan van strafbare feiten en agressie tegen het openbaar gezag. De verdachte deed dit in een tijd van maatschappelijke onrust rondom de coronamaatregelen en daarmee heeft hij welbewust olie op een al smeulend vuur gegooid.
Daarnaast had de verdachte ook op straat een vuurwapen met munitie bij zich. Dit was in strijd met het hem toegekende verlof – als beoefenaar van de schietsport – om het wapen op straat te dragen.
De man wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van veertien maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijdDe rechter kan iemand tot een voorwaardelijke straf veroordelen. De straf wordt dan niet uitgevoerd, mits de verdachte zich gedurende een bepaalde periode, de proeftijd, aan een aantal afspraken houdt en niet opnieuw in de fout gaat. Deze voorwaarden zijn door de rechter in zijn vonnis opgelegd. van drie jaar. Daarnaast stelt de rechtbank nog enkele voorwaarden, waaronder het verbod om lid te zijn van een schietvereniging en het onthouden van het gebruik van alcohol gedurende gehele proeftijd of zoveel korter als de reclasseringInstelling die het herintreden in de maatschappij van veroordeelden wil bevorderen. Geeft ook voorlichting aan de rechter over de persoon van de verdachte. nodig vindt.