Jongemannen krijgen celstraffen voor 'spoofing' van oudere slachtoffers

De verdachten maakten in de maanden april tot en met augustus van 2024 slachtoffers tussen de 71 en 92 jaar in onder meer Geldrop, Uden en Oss. Ze hanteerden daarbij een vaste werkwijze. De man uit Eindhoven belde de slachtoffers op de vaste telefoonlijn met een mobiele telefoon met simkaart, waarvan het beltegoed was opgewaardeerd met een e-voucher. Hij deed zich voor als medewerker van de politie en gaf aan dat er inbrekers waren aangehouden die in een notitieboekje de gegevens van onder meer het slachtoffer hadden staan. Hierna vroeg de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. of het slachtoffer waardevolle spullen in huis had en gaf vervolgens aan dat het veiliger zou zijn om die spullen bij de politie op te slaan. De slachtoffers moesten contant geld, sieraden en bankpassen in een envelop stoppen waarna die door de 18-jarige verdachte werd opgehaald. Ook moesten ze hun pincode afstaan. Hiermee haalde de koerier geld van de rekeningen. De man uit Helmond was de regelaar; hij zorgde voor de adressen van de slachtoffers en voor de e-vouchers.
Schaamte
Bij het bepalen van de straffen houdt de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. er rekening mee dat de verdachten bewust op zoek waren naar oudere slachtoffers. Zij brachten deze mensen niet alleen financiële schade toe, maar schaadden ook hun gevoel van veiligheid en vertrouwen in de medemens. Ook leden de slachtoffers onder gevoelens van schaamte. Daarbij komt dat de verdachten van sommige slachtoffers sieraden met een grote emotionele waarde afhandig maakten.