4 jaar gevangenisstraf voor man die 16 misdrijven pleegde in half jaar tijd

In de periode van mei tot november 2021 pleegde de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. onder andere meerdere woning- en bedrijfsinbraken (of pogingen daartoe). Zo stal hij onder andere diverse auto’s (soms met valse sleutels), sieraden, een quad, een motorscooter, een boot met oplegger en tal van buitenboordmotoren.
De verdachte maakte zich ook schuldig aan witwassen en heling, onder andere doordat hij probeerde de spullen te verkopen. In juni 2021 was hij een gevaar op de weg toen hij onder invloed van drugs met hoge snelheid door ’s-Hertogenbosch reed. Daarbij probeerde hij aan een controle van de politie te ontsnappen.
Puur eigenbelang
Volgens de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. getuigt het handelen van de verdachte van minachting voor andermans eigendommen. Bij het plegen van de verschillende misdrijven handelde hij uit puur eigenbelang.
De heling van onder andere de gestolen sieraden brengt niet alleen materiële schadeSchade die direct in geld is uit te drukken. toe, de sieraden waren ook van grote emotionele waarde voor het slachtoffers. Verder maakte de verdachte zich schuldig aan witwassen door gestolen goederen in zijn bezit te hebben. Door gestolen kentekenplaten op een andere gestolen auto te bevestigen, probeerde hij herkenning van de auto te voorkomen en opsporing moeilijk te maken.
Totaal ontbrekend respect
Volgens de rechtbank kenmerkt het gedrag van de verdachte zich door een totaal ontbrekend respect voor andermans bezittingen. Nergens blijkt enige remming bij de verdachte om anderen schade toe te brengen of besef van het kwalijke van zijn handelen. Hij toonde maar in zeer beperkte mate spijt en wroeging over zijn daden.
Het negatieve sociale netwerk, gebrek aan stabiele huisvesting, het ontbreken van een structureel inkomen en dagbesteding en zijn psychosociaal functioneren zijn factoren die bijdroegen aan zijn handelen. Het gebrek aan vastigheid werd door de verdachte ervaren als uitzichtloos. Sinds september 2022 verblijft hij binnen de maatschappelijke opvang, van waaruit wordt toegewerkt naar zelfstandig wonen. Tijdens de behandeling van zijn strafzaak gaf de verdachte aan dat hij wil toewerken naar een andere levenswijze met een baan en eigen woonruimte.
Hoewel de rechtbank zich realiseert dat detentie betekent dat de verdachte zijn woning kwijtraakt en het begeleidingstraject niet verder van de grond zal komen, ziet de rechtbank -gelet op de veelheid aan feiten- geen aanleiding om een lagere gevangenisstraf op te leggen dan 4 jaar. Verder krijgt hij een rijontzegging van 8 maanden en moet hij schadevergoedingen betalen aan alle slachtoffers.