Groningen|

Gevangenisstraffen voor medeplegen poging doodslag

De rechtbank Noord-Nederland, locatie Groningen, heeft twee mannen van 21 en 22 jaar veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk. Zij hebben zich in april van dit jaar schuldig gemaakt aan het medeplegen van poging tot doodslag bij een horecagelegenheid in Sappemeer. De mannen moeten het slachtoffer daarnaast een schadevergoeding betalen.

Geschopt en geslagen

Bij een horecagelegenheid in Sappemeer vond een korte woordenwisseling plaats, waarna het slachtoffer van één van de mannen een klap kreeg. Toen het slachtoffer daarna weerloos op de grond lag, hebben beide mannen hem nog meerdere keren geschopt en geslagen. De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. heeft op basis van de bewijsmiddelenMiddelen die de rechter overtuigen dat een verdachte schuldig is. De rechter gebruikt deze bij de motivering van het vonnis. Een andere term voor 'bewijsmiddelen' is 'bewijsmateriaal'. vastgesteld dat beide verdachte het slachtoffer tegen het hoofd hebben geschopt.

Voorwaardelijke opzet op de dood van het slachtoffer

Uit de bewijsmiddelen blijkt, naar het oordeel van de rechtbank, ook dat beide verdachten geen volle opzet hadden op de dood van het slachtoffer. De rechtbank oordeelt wel dat beide verdachten voorwaardelijke opzet hadden op de dood van het slachtoffer. Van voorwaardelijke opzet is sprake indien de verdachten zich willens en wetens hebben blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat de dood als gevolg zal intreden.

Strafmotivering

Beide verdachten hebben zich schuldig gemaakt aan een ernstig feit. Het slachtoffer is op enig moment buiten bewustzijn geraakt, heeft zich op geen enkele manier kunnen verweren tegen het geweld en mag dan ook van geluk spreken dat het schoppen tegen het hoofd geen fatale afloop heeft gehad. De mannen hebben met hun handelen een ernstige inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer en hebben het slachtoffer niet alleen letsel, maar ook een traumatische ervaring bezorgd. De rechtbank rekent hen dit zwaar aan en is dan ook van oordeel dat alleen een aanzienlijke vrijheidsbenemende straf passend en geboden is.