Groningen|

Rechtbank: generale verlenging van termijn waarbinnen op asielaanvragen moet worden beslist rechtsgeldig

In deze zaak, waarin op 26 april 2023 uitspraak is gedaan,  stond centraal of de beslistermijn voor het nemen van een besluit op de asielaanvraag van eiser was overschreden, of dat deze rechtsgeldig is verlengd met het Wijzigingsbesluit Vreemdelingencirculaire 2000 (het WBV 2022/22). Een zogenoemd beroep niet tijdig beslissen, maar waarin partijen zaaksoverstijgende belangen hebben gesteld. 

Beslistermijn verlengd

De wettelijke beslistermijn voor asielzaken is zes maanden (artikel 42, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000). Bij besluit van 21 september 2022 heeft de staatssecretaris van JustitieVerzamelnaam voor functies die zich binnen de overheid bezighouden met de handhaving van het recht. en Veiligheid bepaald dat de beslistermijn in alle asielzaken wordt verlengd met negen maanden, vanwege de hoge instroom van asielzoekers in Nederland. De staatssecretaris heeft hiermee, zoals eerder in 2015, toepassing gegeven aan zijn bevoegdheidDe vraag welke rechter de zaak mag behandelen. neergelegd in artikel 42, vierde lid, onder b, van de Vreemdelingenwet 2000. Dit artikel betreft directe implementatie van artikel 31 van de Procedurerichtlijn. De generale verlenging geldt voor asielaanvragen die zijn ingediend in de periode van 27 maart 2022 tot 1 januari 2023. 

Generale verlenging beslistermijn rechtsgeldig

De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. is van oordeel dat de generale verlenging van de beslistermijn in asielzaken rechtsgeldig is. De staatsecretaris heeft voldoende gemotiveerd dat sprake is van “een groot aantal vreemdelingen die tegelijk een asielaanvraag indient" en heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat het hierdoor “in de praktijk zeer moeilijk is de procedure binnen de termijn van zes maanden af te ronden." De beslistermijn is met het WBV 2022/22 ook in de asielprocedure van eiser verlengd. VerweerderIn civiel of bestuursrecht: de tegenpartij van de verzoeker of eiser. is daarom nog niet in gebreke tijdig een besluit te nemen, waardoor de ingebrekestelling te vroeg is ingediend en het beroep niet-ontvankelijkNiet vatbaar voor berechting. De niet-ontvankelijkheid wordt bepaald door de rechter. Een zaak is niet-ontvankelijk als het niet tot een inhoudelijke behandeling komt omdat er niet is voldaan aan formele vereisten. In het strafrecht kan ook het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk zijn als bijvoorbeeld de opsporing en vervolging niet fatsoenlijk zijn verlopen. is (vgl. artikel 6:12 van de Algemene wet bestuursrecht).