Utrecht|

Veroordeling voor dodelijke aanrijding in Veenendaal

Een 50-jarige man uit Dodewaard is door de rechtbank Midden-Nederland veroordeeld tot een taakstraf van 240 uur. Ook legt de rechtbank hem een rijontzegging op van 24 maanden, waarvan 17 maanden voorwaardelijk. De man reed vorig jaar juni in Veenendaal met zijn bestelbus door rood en schepte hierbij een fietsster. Die overleed ter plekke aan haar verwondingen.

Te hard en door rood

De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. rijdt op 3 juni 2019 in zijn bestelbus met aanhanger op de Rondweg-West in Veenendaal.
Als hij een kruispunt met verkeerslichten nadert stopt hij niet. In plaats daarvan verhoogt hij bij de stopstreep zijn snelheid en negeert hij een rood verkeerslicht dat al zes seconden op rood stond. Hij rijdt hierbij circa 65 kilometer per uur, op een plek waar 50 kilometer per uur is toegestaan. De verdachte komt in botsing met een overstekende fietsster wiens verkeerslicht op groen stond. Het slachtoffer wordt meters door de lucht geslingerd en komt verderop op de weg terecht. Ze overlijdt ter plekke. 

Ernstige schuld

Omdat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan zeer onvoorzichtig rijgedrag is volgens de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. in deze zaak sprake van ernstige schuld. Voor het veroorzaken van een ongeval met de dood tot gevolg, waarbij sprake is van ernstige schuld, wordt doorgaans een onvoorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd van 6 maanden én een rijontzegging van twee jaar. De reclasseringInstelling die het herintreden in de maatschappij van veroordeelden wil bevorderen. Geeft ook voorlichting aan de rechter over de persoon van de verdachte. adviseert echter om de verdachte geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen, zodat hij zijn bedrijf kan voortzetten én voor zijn (grote) gezin kan blijven zorgen.

Geen gevangenisstraf

De rechtbank houdt bij het opleggen van de straf rekening met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, en dan met name met de gevolgen die een onvoorwaardelijke gevangenisstraf zouden hebben voor zijn gezin. Verdachte is kostwinner en heeft een eigen bedrijf. Daarnaast is hij op grond van zijn levensovertuiging niet verzekerd. Dit betekent dat hij en zijn gezin de grote financiële gevolgen van het strafbare feit lang zullen voelen. Een gevangenisstraf zal, naast de gevolgen voor zijn bedrijf en gezin, ervoor zorgen dat zijn schulden nóg verder oplopen. In het voordeel van de verdachte houdt de rechtbank er rekening mee dat de verdachte heeft bekend, spijt heeft betuigd en verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn rijgedrag, ook richting de nabestaanden. Dit alles maakt dat de rechtbank komt tot een taakstrafWerkstraf van 240 uur. Dit is conform de eis van de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is.. Ook legt de rechtbank de verdachte een rijontzegging op van 2 jaar, waarvan 17 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar.