Inhoudelijke behandeling zaak Koen Everink uitgesteld
Geen aanvullend onderzoek
De verdediging verzocht op de tweede zittingsdag om de zaak aan te houden voor het uitvoeren van aanvullend DNA-onderzoek. De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. heeft dit verzoek afgewezen omdat niet te verwachten is dat met het aanvullende onderzoek een DNA-profiel kan worden opgesteld. De rechtbank acht dit onderzoek daarom niet noodzakelijk. De advocaten hebben vervolgens de verdediging van de verdachte neergelegd.
Rechtsbijstand nodig
Gelet op de aard van de zaak is het wel nodig dat verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. door een advocaat wordt bijgestaan. Dat betekent dat verdachte op zoek moet gaan naar een nieuwe advocaat. Daarom heeft de rechtbank moeten beslissen de zaak aan te houden tot een nader te bepalen tijdstip.
De rechtbank noemt deze situatie uitzonderlijk. Zeker voor de nabestaanden is deze gang van zaken zeer onverkwikkelijk. De rechtbank kan echter niet anders dan vaststellen dat verdachte op dit moment geen rechtsbijstandGefinancierde rechtshulp. heeft.