Gemeente Amersfoort mag starten met bomenkap rondweg
Vergunning

In het kader van een onderzoek voor de aanlegDe rechterlijke instantie waar de behandeling van een zaak plaatsvindt. De rechtbank is de eerste aanleg, het gerechtshof de tweede aanleg oftewel de hoger-beroepsinstantie (of de Centrale Raad van Beroep, College van Beroep voor het bedrijfsleven of de Afdeling bestuur van de Raad van State). van de westelijke rondweg wil de gemeente Amersfoort ruim 1.500 bomen kappen. De gemeente wil op de kortst mogelijke termijn starten met het kappen van de bomen om dit nog voor het broedseizoen af te ronden. Bij de Raad van StateHoogste adviescollege van de staat dat adviseert over alle wetsontwerpen en algemene maatregelen van bestuur; de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State beslist in hoogste instantie in geschillen over besluiten van overheidsorganen. loopt een procedure over de ontheffing die de gemeente heeft verkregen voor een aantal beschermde diersoorten. Omwonenden en stichtingen zijn bang dat door de kap ook andere beschermde diersoorten die in dat gebied leven worden bedreigd, zoals de das, sperwer, boommarter, ree en eekhoorn. Omdat de provincie Utrecht hun handhavingsverzoek daarover heeft afgewezen, hebben de omwonenden en stichtingen de rechtbank door middel van een voorlopige voorzieningEen voorlopige beslissing in spoedeisende zaken die gezien kan worden als tijdelijke regeling tot de eindbeslissing er is. gevraagd om de bomenkap stil te leggen. Een voorlopige voorziening is een spoedprocedure in het bestuursrecht.
Geen aantasting van rust- of verblijfplaatsen
Het staat vast dat er vlakbij het gebied waar gekapt gaat worden dassenburchten zijn en dat de dassen delen van het plangebied gebruiken als foerageergebied. Daarnaast zijn er nesten van sperwers rondom het gebied. Ook de ree, eekhoorn en de boommarter komen voor in de omgeving. De omwonenden en stichtingen hebben onvoldoende aangetoond dat de dassen de burchten verlaten als de gemeente de ruim 1.500 bomen kapt. Ook wordt de das niet gedood bij de bomenkap. Voor de andere dieren is het ook niet aannemelijk dat de vaste rust- of verblijfplaatsen zullen worden aangetast.