Maastricht|

14 jaar cel en tbs met dwangverpleging voor doodslag op echtgenote

Een 74-jarige man is vandaag door de rechtbank Limburg veroordeeld voor doodslag op zijn echtgenote op 26 september 2021 in Grevenbicht. De man heeft een gevangenisstraf van 14 jaar gekregen. Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat de verdachte hoe dan ook niet onbehandeld terug kan keren in de maatschappij. Een behandeling in een tbs-kader is noodzakelijk om het recidiverisico in te perken en de veiligheid van personen te waarborgen. De rechtbank legt daarom naast de celstraf ook tbs met dwangverpleging op.

Eerdere veroordeling

Voor de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. weegt zeer zwaar mee dat de man voor de tweede maal is gekomen tot een levensdelict. De verdachte is in 1998 veroordeeld voor de moord op zijn toenmalige echtgenote, die hij door middel van verwurging om het leven had gebracht. Voor die moord is hij in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. door het gerechtshof in ’s Hertogenbosch veroordeeld tot een gevangenisstraf van 8 jaren. Aan de verdachte is toen geen behandeling opgelegd, omdat het recidiverisico als uiterst gering werd ingeschat. 

Opwelling

Het delictStrafbaar feit. in 1997 was een moord, omdat hij toen een duidelijk vooropgezet plan had. Het delict in 2021 is doodslagHet iemand van het leven beroven zonder dat sprake is van een van tevoren beraamd plan. Wel moet er opzet in het spel zijn, want anders is het hoogstens dood door schuld. De maximumstraf voor doodslag is vijftien jaar gevangenisstraf. Zie ook: Moord., omdat hij nu heeft gehandeld in een opwelling. De problemen die hebben geleid tot beide delicten waren echter dezelfde en volgens de psycholoog zijn beide delicten ook gedragsdeskundig identiek. 

Aan de broer van het slachtoffer dient de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. 2.279,07 euro te betalen voor materiële schadeSchade die direct in geld is uit te drukken. die hij heeft geleden. De gevorderde affectie- en shockschade is afgewezen.