Wrakingsverzoek Viruswaanzin afgewezen
Gronden
Viruswaarheid voerde twee gronden aan waarom de rechter vooringenomen zou zijn. Op 12 juni van dit jaar zou de rechter in een ander vonnisEen uitspraak in een procedure die begint met een dagvaarding. al een oordeel hebben gegeven over met name het aantal doden dat in Nederland als gevolg van het coronavirus is gevallen. Verder zou de rechter tijdens het kort gedingProcedure om in een spoedeisende civiele zaak snel een beslissing van de rechtbank te krijgen. Dit is een voorlopige uitspraak. Hierna kunnen de partijen alsnog naar de rechtbank gaan om de zaak voor te leggen (de 'bodemprocedure'). niet genoeg hebben doorgevraagd bij de Staat, met name ten aanzien van het sterftecijfer van Covid-19.
Geen partijdigheid
De aangevoerde gronden leveren volgens de wrakingskamer geen partijdigheid op van de rechter en ook niet de schijn daarvan. In die eerdere zaak van 12 juni waren de toenmalige partijen het eens over het feit dat er een substantieel aantal doden is gevallen. De rechter moest daarom in haar vonnis van dat gegeven uitgaan. Ook de wijze waarop de rechter op 25 juni jl. het kort geding van Viruswaarheid heeft behandeld, is volgens de wrakingskamer geen grond voor wrakingVerzoek aan de rechtbank om een rechter in een bepaalde zaak te vervangen, omdat hij partijdig zou zijn.. In een kort geding is het de taak van de rechter om de standpunten van partijen helder te krijgen. Daar kan de rechter eventueel vragen over stellen om de vordering goed te kunnen beoordelen. Op basis van wat de wrakingskamer heeft gelezen in het proces-verbaal1. Schriftelijk verslag van hetgeen op rechtszittingen aan de orde is gekomen; 2. Officieel schriftelijk verslag van politieambtenaren met feiten die ze hebben waargenomen en met een verklaring die ze hebben opgetekend uit de mond van een verdachte of getuige. en heeft gezien op de beelden van de zitting, blijkt niet dat de rechter tijdens het uitvoeren van die taak daarvan is afgeweken.