Den Haag|

Haagse politieagenten vrijgesproken van meineed en mishandeling

De rechtbank heeft vandaag drie Haagse politieagenten vrijgesproken van meineed en valsheid in geschrift. Daarnaast is eén van hen vrijgesproken van de mishandeling van een arrestant. Een ander, die bij de arrestatie een politiehond in het been van de arrestant liet bijten, heeft zich volgens de rechtbank niet schuldig gemaakt aan het gebruik van buitensporig geweld. Hij is dan ook ontslagen van alle rechtsvervolging.

Aanhouding

Op 21 januari 2018 belde een vrouw de meldkamer van de politie. Zij vertelde dat zich in een café een gewapende man bevond die mensen sloeg en bedreigde. De drie agenten gingen daarop samen met andere collega’s naar dat café waar zij een man hebben aangehouden. De verdachten zouden opzettelijk een vals proces-verbaal1. Schriftelijk verslag van hetgeen op rechtszittingen aan de orde is gekomen; 2. Officieel schriftelijk verslag van politieambtenaren met feiten die ze hebben waargenomen en met een verklaring die ze hebben opgetekend uit de mond van een verdachte of getuige. van aanhouding dan wel opzettelijk een vals proces-verbaal van bevindingen hebben opgemaakt. Zo is opgeschreven dat de man zijn handen bij de arrestatie niet liet zien, terwijl dat wel het geval was.

Dreigende situatie

Aan de hand van camerabeelden die in het café zijn gemaakt, oordeelt de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. dat de verdachten in een aantal gevallen niet onjuist hebben verklaard. Van een aantal delen van hun verklaringen stelde de rechtbank vast dat die wel onjuist zijn. De rechtbank is echter tot de conclusie gekomen dat de politieagenten hierbij niet opzettelijk een verkeerde voorstelling van zaken gaven. Volgens de rechtbank moet rekening worden gehouden met de dreigende situatie waarin zij  moesten optreden. Zo verwachtten zij dat zich een man met een vuurwapen in het café bevond. Verder rapporteerde een rechtspsycholoog dat aandachtsvernauwing als gevolg van stress van invloed kan zijn geweest op hun waarneming en herinnering. Daarnaast ontbreken concrete aanwijzingen dat de verdachten bewust een verkeerd beeld hebben willen geven van wat er is gebeurd.

Inzet politiehond en mishandeling

Bij de arrestatie liet een van de verdachten een politiehond in het been van de gearresteerde man bijten. Gezien de dreigende situatie gebruikte hij volgens de rechtbank geen buitensporig geweld en is hij voor het inzetten van de politiehond van alle rechtsvervolging ontslagen.

Een andere verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. zou volgens twee collega’s later op de binnenplaats van het politiebureau opzettelijk op het verwonde been van de arrestant zijn gaan staan. Volgens de rechtbank staat het niet buiten redelijke twijfel dat de verdachte de arrestant inderdaad mishandelde. De verdachte ontkent dit, de arrestant kan het zich niet herinneren, andere aanwezigen hebben dit niet gezien en ander bewijs ontbreekt. Daarom is hij ook hiervan vrijgesproken.