Geldboete voor imam voor groepsbelediging
Aangifte
De imam verzorgde in 2017 een rouwdienst in de moskee. Hij heeft toen een aantal uitlatingen gedaan, waaronder: “Schapen en varkens horen niet in één ruimte."
Naar aanleiding van deze en andere uitlatingen die hij tijdens deze rouwdienst heeft gedaan, hebben drie mensen anoniem aangifte gedaan omdat zij zich daardoor gekrenkt voelden.

Andersgelovigen
Als uiting van zijn geloofsovertuiging heeft de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. een groep mensen vergeleken met varkens en hen daardoor in feite varkens genoemd. Deze groep mensen hangt een andere stroming binnen de Islam aan dan de verdachte. Om die reden schaart de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. deze groep mensen onder de groep andersgelovigen.
Grievende uitlatingen
De rechtbank beschouwt de uitlatingen als onnodig grievend, omdat varkens binnen de islam als minderwaardige en onreine dieren worden gezien. Onder moslims is het een grove belediging als je een varken wordt genoemd. Volgens de rechtbank had de imam op een veel minder kwetsende manier uitleg kunnen geven over zijn geloof en uiting kunnen geven aan zijn geloofsovertuiging. De rechtbank concludeert dat de imam zich, door deze uitlatingen te doen, schuldig heeft gemaakt aan groepsbelediging.
Geen inbreuk vrijheid van meningsuiting
De veroordeling voor groepsbelediging levert volgens de rechtbank geen inbreuk op de vrijheid van meningsuiting van verdachte.