Amsterdam|

Het oordeel van de rechter

De rechtbank Amsterdam doet ongeveer 140.000 uitspraken per jaar. Iedere week selecteren we een aantal van de belangrijkste en meest opvallende uitspraken per rechtsgebied.

Straf - Laten ontploffen van vuurwerkbom en witwassen bestraft

5 november - Een 52-jarige man is veroordeeld tot 30 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk onder meer omdat hij op 4 december 2022 een vuurwerkbom tot ontploffing bracht bij een woning in Amsterdam. Daarnaast waste hij 11 Mac Books wit. Die waren afkomstig uit helpdeskfraude. Door zich als katvanger te laten gebruiken voor het in ontvangst nemen van die MacBooks hielp hij de fraudeplegers buiten schot te blijven. Door 3 gestolen Macbooks te verkopen pleegde hij ook schuldheling. De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. rekent het hem aan dat hij zo handelde om te voorzien in zijn verslaving. Daarnaast stal hij twee auto’s. In de straf weegt positief mee dat hij zich op eigen initiatief heeft laten behandelen. De rechtbank legt de bijzondere voorwaarden op die de reclasseringInstelling die het herintreden in de maatschappij van veroordeelden wil bevorderen. Geeft ook voorlichting aan de rechter over de persoon van de verdachte. adviseerde. Zo moet hij zich onder meer ambulant laten behandelen en meewerken aan middelencontrole.


lees de volledige uitspraak:


ECLI:NL:RBAMS:2024:6778 


Kanton - Herstelwerk in fietsenwinkel na brand moet snel beginnen

5 november - De verhuurder van een fietsenwinkel in Amsterdam moet de schade van een brand die daar in januari 2024 uitbrak voortvarend herstellen. Binnen 7 dagen na betekeningUitreiking van gerechtelijke stukken, zoals een dagvaarding, een oproeping of een vonnis, aan een verdachte, een getuige, een gedaagde partij of belanghebbende. van deze uitspraak moet herstelwerk beginnen en uiterlijk een maand later moet de fietsenwinkel er weer in kunnen. Anders kan de dwangsom oplopen tot maximaal 200.000 euro. Dit is alleen anders wanneer de funderingswerkzaamheden per 1 november 2024 zijn gestart en binnen 12 weken zijn afgerond waarbij de herstelwerkzaamheden dan direct daarop moeten aansluiten. Daarbij weegt mee dat de fietsenwinkel ook baat heeft bij een goede fundering. De brand ontstond in de accu van een fiets die ter reparatie was aangeboden. De kantonrechterDe kantonrechter behandelt zowel civiele zaken als strafzaken. Het is een alleensprekende rechter die zaken als overtredingen uit het strafrecht, arbeidszaken, huurzaken en zaken onder de € 25.000,- behandelt. Vroeger was het kantongerecht een apart gerecht naast de rechtbanken, gerechtshoven en de Hoge Raad. De kantongerechten zijn opgegaan in de rechtbanken. De term 'kantonrechter' is blijven bestaan. oordeelt in een voorlopig oordeel dat het niet aannemelijk is dat de fietsenwinkel daarvoor verantwoordelijk is omdat reparatie van e-bikes tegenwoordig tot normale bedrijfsvoering hoort.


Lees de volledige uitspraak:


ECLI:NL:RBAMS:2024:6777     


Civiel - Betaling voor uitgevoerd werk aan film

6 november - Een uitvoerend producent (UP) die enige maanden in opdracht heeft gewerkt aan een nieuwe Nederlandse film, moet betaald krijgen voor haar werk. Zij heeft aan de film gewerkt totdat de samenwerking per direct werd beëindigd op 4 juli jl., en heeft nog niets betaald gekregen. Volgens het productiebedrijf dat haar had ingehuurd klopt de hoogte van de gefactureerde vergoeding niet en zijn twee extra weken werk gefactureerd die niet zijn overeengekomen. Uit de overgelegde correspondentie blijkt echter dat de hoogte van de fee klopt en dat het aannemelijk is dat de twee extra weken werk zijn afgesproken. Een korting op de gefactureerde bedragen is niet aan de orde. Daar zijn geen afspraken over gemaakt en bovendien blijkt nergens uit dat de UP slecht werk heeft geleverd. De UP wilde ook de vergoeding betaald krijgen voor de resterende maanden tot en met januari 2025 waarvoor ze was ingehuurd, maar daarin krijgt ze geen gelijk. 

Lees de volledige uitspraak:
ECLI:NL:RBAMS:2024:6775