Amsterdam|

‘Rechten verdachten onder druk bij straffen zonder rechter’

De rechten van verdachten kunnen onder druk komen te staan als strafzaken buiten de rechter om worden afgehandeld. Dit blijkt uit onderzoek van universitair docent Koen Vriend, die vandaag promoveert aan de Universiteit van Amsterdam.

Rechter toetst

Afbeelding van vrouw op bankje in cel.

De officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. heeft een belangrijke rol in het beschermen van rechten van de verdachte, als de gang naar de rechter wordt vermeden, vindt Vriend. Een officier kan bijvoorbeeld een strafbeschikking voorstellen, waarmee een rechtszaak wordt voorkomen. Vriend zou het een goede zaak vinden als rechters zo’n strafbeschikking mogen beoordelen als de verdachte deze afwijst. Zo kan worden beoordeeld of alles correct is verlopen. Ook moeten hoge of bijzondere transacties (geldbedragen die worden betaald om vervolging te voorkomen) voortaan door de rechter worden getoetst, vindt Vriend.

Ideale wereld

In zijn proefschrift Avoiding a Full Criminal Trial: Fair Trial Rights, Diversions and Shortcuts in Dutch and International Criminal Proceedings omschrijft Vriend de ideale wereld waarin elke strafzaak van begin tot eind wordt doorlopen. Iemand wordt ergens van beschuldigd; bewijsEen document of stuk dat een standpunt ondersteunt. wordt op tafel gelegd;  de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. en zijn advocaat krijgen de kans zich hier tegen te verdedigen; de rechter onderzoekt de zaak en komt met een onderbouwd oordeel. Maar deze ideale wereld is niet realistisch, stelt Vriend. De hoeveelheid stafzaken is hiervoor simpelweg te groot. Daarom worden manieren gezocht om zaken buiten de rechter om af te handelen (vermijdingsmechanismen) of te versimpelen (vereenvoudigingsmechanismen). Een voorbeeld is de nieuwe ZSM-afhandeling, waarbij simpele zaken zonder tussenkomstSituatie waarin een derde partij zich stelt (tussenkomt) in een lopende zaak. van de rechter door het OM worden afgehandeld met een strafbeschikkingSanctie die zelfstandig is op te leggen door het Openbaar Ministerie voor misdrijven en overtredingen waarop een gevangenisstraf staat van maximaal zes jaar. Als de verdachte het er niet mee eens is, kan hij hiertegen verzet aantekenen bij de strafrechter. (zie: 'ZSM alleen bij eenvoudige wetsovertredingen').

Eerlijk proces

Vriend benadrukt dat ook als het strafproces niet (volledig) wordt doorlopen, de verdachte eerlijk moet worden behandeld. Zo moet hij  goed op de hoogte zijn van wat het vermijden van een rechtsgang betekent. Eerder heeft de procureur-generaal van de Hoge RaadHoogste rechtscollege in Nederland. De Hoge Raad stelt niet meer zelf de feiten vast, maar bekijkt of de lagere rechter bij zijn beslissing het recht goed heeft toegepast. gezegd dat de wettelijke regeling van de strafbeschikking in de praktijk in een aantal gevallen onvoldoende wordt nageleefd. Zie ook: Rapport PG: strafbeschikkingen moeten beter