Den Haag|

Nieuwjaarstoespraak Henk Naves

Lees hier de volledige nieuwjaarstoespraak van Henk Naves, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak, zoals uitgesproken op donderdag 8 januari 2026 in Den Haag.

Welkom in het Huis van de Rechtspraak. Het is een eer om dit nieuwe jaar met u te mogen openen. 

Vandaag wil ik niet zozeer waarschuwen, maar juist een pleidooiMondelinge toelichting op het in het geding ingenomen standpunt. houden om het verhaal van de rechtsstaat meer te delen met de mensen buiten deze zaal. Om veel vaker uit te dragen dat het bijzonder is dat in Nederland mensen niet zomaar worden opgepakt, niet worden gemarteld of plotseling verdwijnen. Dat de overheid niet zomaar onteigent en zich net als ieder ander aan de wet moet houden. Dat de rechter er is om mensen te beschermen, juist als de overheid partij is. Want de achilleshiel van een vrij en welvarend land als het onze, is dat je gewend raakt aan dat wat er is. 

Twee maanden geleden stond ik voor zo’n honderd scholieren van een jaar of zestien. Allemaal, unaniem, voorstander van de doodstraf. En als de rechter een fout maakt? ‘Dan heb je pech gehad.’ Het maakte mij duidelijk dat we zijn vergeten deze jongeren mee te nemen in wat het leven in een rechtsstaat echt betekent. En welke verantwoordelijkheid wij er allemaal voor dragen. Gelukkig vindt 8 op de 10 jongeren dat rechtspraak onmisbaar is en wil de helft er meer aandacht voor op school. Zie daar de kans – en opdracht – om die uitleg te geven en mensen weer trots te maken op wat we hebben. Want dat waar je trots op bent, wil je beschermen.

Daarom moeten die scholieren van net, hun ouders, familie en vrienden, veel vaker en nadrukkelijker horen wat de rechtsstaat betekent. En wij moeten luisteren naar wat zij ons vervolgens zeggen. Over wat hun zorgen zijn, hoe zij willen samen leven en hoe wij hen daarbij kunnen helpen. Of hoe wij ze – bijvoorbeeld door stroperige procedures – soms ongemerkt en ongewild in de weg zitten. 

Ons klantonderzoek toont aan dat rechtzoekenden en professionals zich soms onvoldoende gezien en gehoord voelen. Die bal ligt dus bij ons. Bij de Rechtspraak. Maar als het gaat om het grotere plaatje, ook bij u en uw collega’s – als medevertegenwoordiger van die rechtsstaat. 

Laten we dit jaar ons gezamenlijke verhaal meer laten leven. Door te vertellen over zijn indrukwekkende geschiedenis. Van de boekenkist van Hugo de Groot tot de stilte van rechters in de Tweede Wereldoorlog. Door ons het verhaal tastbaar te maken met ons werk, en dicht bij mensen te staan. Door te beseffen dat mensen geen conflict willen en problemen liever zonder zware juridische procedures oplossen. Bijvoorbeeld met wijkrechtspraak en de regelrechter, waar je met een simpel briefje je probleem kunt voorleggen. Met de inzet van schuldenfunctionarissen, waardoor mensen sneller de juiste hulp krijgen. En online, met een project als voorRecht-rechtspraak, de overheidsinnovatie van het jaar, waar met de inzet van slimme AI-toepassingen praktische hulp wordt geboden en je informatie krijgt over vervolgstappen die je zelf kunt nemen. 

Laten we de rechtsstaat effectiever maken door te zorgen voor deugdelijke wetgeving die in dienst staat van mensen. Die wordt gezien als hulpmiddel, als kader, voor de breed gevoelde gedrevenheid om nu eens oplossingen te bieden voor grote maatschappelijke problemen. Waarbij de kwalitatief hoogwaardige adviezen van adviesorganen als uitgestoken hand worden gezien, bedoeld om de oplossing nog beter te maken.

Laten we nu al anticiperen op de uitdagingen van straks. Door anti-institutionele sentimenten serieus te nemen en tegenwicht te bieden door uit te dragen waar wij voor staan. En dat wij ervoor iedereen staan, ook voor hen die het vertrouwen zijn verloren. Dat we het oprecht menen als we zeggen dat Rechtspraak samenleven mogelijk maakt. 

En door ons systeem te wapenen. We roepen al langer op om rechters ruimte te geven voor toetsing aan de GrondwetIn de Grondwet staan de grondrechten en plichten van alle Nederlanders. De Grondwet regelt ook de bevoegdheden van het parlement, de ministers en Koning. Ook staat in de Grondwet hoe wetten worden gemaakt en hoe de rechtspraak werkt.. Om de positie van de Raad voor de rechtspraakDe Raad voor de rechtspraak bestaat sinds 1 januari 2002 en vormt de schakel tussen de minister van Justitie en de gerechten. De Raad heeft als opdracht te bevorderen dat de gerechten hun rechtsprekende taak goed kunnen vervullen. te verankeren in die Grondwet. En de rol van de minister bij benoemingen van leden van de Raad af te schaffen. We roepen het al langer en we zagen instemmend geknik. En daarna bleef het stil. Zou het niet mooi zijn als een nieuw kabinet de handschoen oppakt en deze ideeën concreet maakt?

Laten we opkomen voor datgeen waar wij zo trots op zijn. Als wordt gezegd dat het verminderen van rechtsbescherming een acceptabel offer is om snel resultaat te boeken. Zoals bij het beperken van de mogelijkheid om in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. te gaan in zaken op het gebied van migratie of woningbouw. Benadruk dan dat rechtsbescherming net zo fundamenteel is als een dak boven je hoofd.

En natuurlijk: procedures moeten sneller en wij hebben hierin iets te doen. Zoals met het prioriteren van zaakstromen op bepaalde gebieden. Tegelijkertijd is er een grens aan de rol die wij kúnnen spelen. Wetten kunnen worden aangepast, maar de basisprincipes van onze de rechtsstaat moeten staan als een huis. De scheiding der machten, gelijke behandeling, rechtsbescherming, het legaliteitsbeginsel. Het is het stártpunt: het is onze manier van samenleven. 

En het is van iedereen. Of beter gezegd: het zou van iedereen moeten zijn. Daarbij denk ik aan de discussie rondom onbewuste vooroordelen. Het raakt de kern van het rechterschap en voelt daarom al snel als een aanval. Ik vind het dapper dat veel mensen binnen de Rechtspraak dit thema niet schuwen en durven toegeven dat ook zij – net als ieder ander – onbewuste vooroordelen hebben. De zelfreflectie hierover, maar ook over bijvoorbeeld een belangrijk onderwerp als femicide/intieme terreur, leidt tot discussiebijeenkomsten waar we het ongemakkelijke gesprek niet schuwen. Het leidt tot aanpassing en uitbreiding van het scholingsaanbod voor huidige en aankomende rechters. Dit is nodig, want anders raak je mensen kwijt omdat ze vinden dat de Rechtspraak er niet voor hen is. En daarbij doel ik ook op de groep mensen die vindt dat de aandacht voor dit soort thema’s overtrokken is.

Ik sprak al over het groeiende anti-institutioneel sentiment waarover ik mij zorgen maak. Niet zozeer over de soms begrijpelijke teleurstelling van mensen, maar over het misbruik daarvan. We zien het in eigen land, in Hongarije en Polen, Italië en de Verenigde Staten, waar de rechter als sta-in-de-weg wordt gezien en als een bedreiging van de macht. Een brief van negen Europese regeringsleiders die onder het mom van een ‘new and open minded conversation’  rechters en mensenrechten buitenspel willen zetten. 

Of de Amerikaanse sancties tegen het Internationaal Strafhof. Een instituut dat zo’n belangrijke rol speelt in de internationale rechtsorde. Dat zetelt in deze stad van Vrede en Recht. Nog geen vijf kilometer hier vandaan wordt rechters en medewerkers van het strafhof toegang tot hun e-mail ontzegd. Er zijn visumrestricties, geblokkeerde bankrekeningen en creditcards, pakketjes die niet zijn bezorgd en abonnementen die worden geannuleerd. Het lijkt alsof dit geruisloos plaatsvindt, alsof het normaal is. 

Natuurlijk is er stille diplomatie, gelukkig maar. Maar is het genoeg, als het blijft bij fluisteren? Of is het soms zo stil omdat we te afhankelijk zijn geworden? Te bang om de volgende te zijn? Nederland draait voor een groot deel op Amerikaanse software en servers. De Rechtspraak niet uitgezonderd. Maar als we ons daarom niet meer uitspreken tegen onrecht en intimidatie, dan heeft de rechtsstaat die we zo liefhebben de slag verloren. 

Ik sluit af. 

Het verhaal van de rechtsstaat is een prachtig verhaal. Door het te vertellen laten we zien dat de rechtsstaat wordt gedragen door ons allemaal. Door het elke dag in ons werk uit te dragen, laten we zien dat het zorgt voor een samenleving gebaseerd op recht en rechtvaardigheid. Het is een positief verhaal is dat ons verbindt, en waar we trots op mogen zijn. Een verhaal dat elke dag in praktijk moet worden gebracht.

Ik wens u allemaal een zeer gelukkig nieuwjaar. 

Zie ook: ‘Wees trots op wat we gezamenlijk hebben bereikt en kom op voor de rechtsstaat’