Ook in hoger beroep 10 jaar cel voor poging tot doodslag en brandstichting Uden
Worsteling en brand
In september 2012 bracht de Ossenaar een bezoek aan het slachtoffer in Uden. Toen het slachtoffer op de bank aan het chatten was, kwam de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. achter hem staan en zette een mes op zijn keel. Vervolgens ontstond er een worsteling. Hierbij is het slachtoffer tientallen keren gestoken in zijn buik en billen. Na brand in de slaapkamer van het slachtoffer te hebben gesticht, heeft verdachte de woning verlaten.
Hoger beroep
Tijdens het hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. heeft de verdediging verzocht om een reconstructie van de worsteling tussen verdachte en het slachtoffer om de feitelijke toedracht te achterhalen. Het hof heeft dat verzoek afgewezen onder meer omdat verdachte zich weinig meer kan herinneren van die worsteling en een reconstructie daardoor zinloos zal zijn.
Verder is er in het hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een rechter. nader onderzoek gedaan door een forensisch arts. Hij bevestigt de conclusie van de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. dat het letsel bij verdachte geen afweerletsel is. De verklaring van de verdachte dat hij zich moest verdedigen tegen een aanval van het slachtoffer, vindt het hof dan ook niet aannemelijk.
Dat verdachte opzettelijk brand heeft gesticht in de woning, leidt het hof onder meer af uit het feit dat verdachte de gaspitten van het gasfornuis in de keuken van het slachtoffer had gehaald en de gaskranen had opengedraaid.
Celstraf en schadevergoeding
De verdachte heeft zich niet bekommerd om het slachtoffer en liet hem voor dood achter. Daarna stichtte hij brand in het appartement van het slachtoffer. Op die manier bracht hij nog meer mensen in gevaar. Net als de rechtbank, vindt het hof een celstraf van 10 jaar dan ook passend en geboden.
Naast de gevangenisstraf moet de verdachte in totaal bijna 14.000 euro aan schadevergoeding betalen aan het slachtoffer.