Man veroordeeld voor gewelddadige dood krantenbezorgster

De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. heeft steeds ontkend dat hij iets met de poging tot afpersing en de dood van de krantenbezorgster te maken had. In hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. is op verzoek van de verdachte aanvullend onderzoek gedaan. Daaruit zijn geen aanwijzingen naar voren gekomen dat iemand anders de verwondingen aan de krantenbezorgster heeft toegebracht. Volgens het hof is er overtuigend bewijs dat de verdachte degene is geweest die de krantenbezorgster met een mes heeft gestoken en die even daarvoor heeft geprobeerd een man op straat af te persen.
De verdachte wilde eerder niet meewerken aan een onderzoek naar zijn geestelijke gesteldheid. De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. had daardoor weinig informatie over de toestand waarin de verdachte tot zijn daden is gekomen. De verdachte werd daarom volledig toerekeningsvatbaar geacht. In hoger beroep heeft de verdachte alsnog meegewerkt aan een onderzoek door het Pieter Baan Centrum. Uit het onderzoek is naar voren gekomen dat de verdachte vermoedelijk in een psychose heeft gehandeld en dat de feiten hem in verminderde mate kunnen worden toegerekend. Dat betekent dat de verdachte beperkt inzicht had in wat hij deed. De gevangenisstraf valt daardoor in hoger beroep lager uit.