Den Haag|

Jeugdige verdachte veroordeeld voor dood van 15-jarige medescholier

Een minderjarige verdachte is op 25 februari 2016 door het gerechtshof Den Haag veroordeeld voor doodslag op een medescholier in Voorburg. Het Haagse hof heeft de verdachte jeugddetentie voor de duur van 18 maanden en een PIJ-maatregel opgelegd. Daarnaast moet de verdachte alle begrafeniskosten aan de familie van het slachtoffer vergoeden.Gerechtshof Den Haag

Het gerechtshofGerecht dat zaken in hoger beroep behandelt. Nederland kent vier gerechtshoven. Den Haag heeft in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. uitspraak gedaan in de zaak tegen een destijds 16-jarige verdachte die beschuldigd wordt van moord/doodslag op een 15-jarige medescholier in Voorburg door een messteek in oktober 2014. Het overlijden van deze 15-jarige is hard aangekomen bij de familie en ook op de school. 

Eerder had de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. Den Haag de verdachte veroordeeld voor moord tot een straf van 20 maanden jeugddetentie en een PIJ-maatregel. De maximale jeugdstraf voor 16-jarigen bedraagt 24 maanden jeugddetentie, ook in geval van moord of doodslag. Er is op verzoek van de raadsman van de verdachte in hoger beroep nadere rapportage uitgebracht over de verdachte. Daaruit blijkt dat de deskundigen net als de eerdere rapporteurs een behandelmaatregel zoals een PIJ aangewezen achten.

De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. was in hoger beroep gegaan, omdat hij zich niet schuldig voelt aan moord. Naar het gevoel van de jeugdige verdachte was hij op deze en eerdere scholen over een periode van jaren gepest en was de ruzie met het slachtoffer de druppel die de emmer deed overlopen. Daarnaast had de verdachte bezwaren tegen de door de rechtbank opgelegde PIJ-maatregel. 

Het Haagse hof komt tot een andere bewezenverklaring dan de rechtbank: doodslagHet iemand van het leven beroven zonder dat sprake is van een van tevoren beraamd plan. Wel moet er opzet in het spel zijn, want anders is het hoogstens dood door schuld. De maximumstraf voor doodslag is vijftien jaar gevangenisstraf. Zie ook: Moord.. Het hof overweegt dat de verdachte weliswaar al enige dagen tot weken rondliep met het voornemen om een persoon of personen die hem zouden bedreigen met een mes te steken, maar dit voornemen was gericht tegen andere personen dan het slachtoffer. Niet bewezen kan worden dat  verdachte de actie tegen het slachtoffer eerder heeft bedacht dan na de laatste les, terwijl hij naar buiten ging en daar het slachtoffer trof. Het hof acht dit tijdsverloop te kort om te kunnen spreken van kalm beraad en rustig overleg, zodat het hof de verdachte heeft vrijgesproken van moord.