Alsnog veroordeling voor steekpartijen uit 2003
De feiten werden in 2003 niet opgehelderd. De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. heeft zich in 2016 spontaan gemeld bij de politie en heeft verklaard over zijn betrokkenheid bij deze feiten, waaronder dat hij die nacht iemand heeft gestoken en andere nare dingen heeft gedaan. Bij de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. en in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. heeft de verdachte verklaard dat hij zich niets van die politieverhoren kan herinneren. Hij heeft in hoger beroep ook verklaard dat hij zich niet kan voorstellen dat hij de feiten heeft gepleegd. Van een psychose bij de verdachte in 2016, zoals de raadsman betoogde, is het hof niet gebleken. Het hof gebruikt de bekentenis van de verdachte voor het bewijs en heeft hem veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf. Dat is een langere gevangenisstraf dan eerder door de rechtbank was opgelegd. De rechtbank had de verdachte veroordeeld tot 18 jaar gevangenisstraf.
De verdachte en het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. hebben 14 dagen de tijd om tegen de uitspraak cassatie in te stellen bij de Hoge Raad der Nederlanden.