Gevangenisstraf van achttien jaar voor pogingen tot liquidaties in Enschede

Geweldsspiraal
In 2017 waren er verschillende gewelddadige gebeurtenissen in de omgeving van Enschede, Almelo en Gronau. Naar aanleiding van deze incidenten heeft de politie onderzoeken ingesteld. Daarin staan onder meer centraal de aanslag op een man in Enschede, de aanslag op een kapper in Enschede en de aanslag op een man in Gronau. Daarnaast is het onderzoek gericht op de beschietingen van woningen in Enschede en Almelo en een Enschedese club. VerdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. en zijn broer zijn ieder voor een aantal van deze feiten vervolgd door het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten.. Het hof veroordeelde de broer van de verdachte op 12 juli 2023 voor de aanslag op een man in Gronau tot een gevangenisstraf van dertien jaar.
Verdachte heeft zijn betrokkenheid bij de liquidatiepogingen altijd ontkend.
Strafmaat
Het hof legt een lange onvoorwaardelijke gevangenisstraf op omdat de verdachte gewetenloos heeft gehandeld en blijk heeft gegeven van een onverschrokken houding en een volledig gebrek aan respect voor het leven van de beoogde slachtoffers.
De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. legde in 2019 aan verdachte een gevangenisstraf op van 25 jaar. Het hof heeft bij de strafoplegging rekening gehouden met de sinds 1 juli 2021 veranderde wettelijke regeling voor de voorwaardelijke invrijheidstellingAls iemand is veroordeeld tot een gevangenisstraf die geheel onvoorwaardelijk is en langer duurt dan 1 jaar, hoeft de veroordeelde die straf doorgaans niet helemaal uit te zitten. Door de officier van justitie worden voorwaarden voor invrijheidstelling opgelegd, zoals het volgen van een vaardigheidstraining, elektronisch toezicht of een contactverbod. De veroordeelde mag in ieder geval niet opnieuw de fout ingaan., die voor de verdachte ongunstiger is, zodat in dit geval een gevangenisstraf van 20 jaar passend is.
De behandeling van de strafzaak bij het hof heeft echter lang geduurd omdat er veel (aanvullend) onderzoek is verricht. Het hof heeft vanwege die lange duur de aan de verdachte opgelegde gevangenisstraf verminderd met twee jaar.