Celstraf voor ontucht met 6-jarig meisje
Misbruik

Het hof acht bewezen dat de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. op 13 april 2015 in zijn woning, waar hij paste op het destijds 6-jarige dochtertje van de vriendin van zijn zoon, met dat meisje ontuchtige handelingen heeft verricht. Het hof laat zwaar wegen dat de verdachte zich niet heeft gedragen zoals van een oppas en in het bijzonder van een (stief) opa tegenover zijn (stief) kleindochter mag worden verwacht. Hij maakte misbruik van zijn rol en van het vertrouwen dat het kind in hem mocht stellen. Het hof heeft bovendien laten meewegen dat hij in een poging om zijn handelen te maskeren het meisje heeft geïnstrueerd het misbruik als hun ’geheimpje’ te bewaren en hierover vooral niets tegen haar moeder en stiefvader te vertellen.
Niet op zitting gehoord
Via de raadsmanAdvocaat. vernam het hof dat de verdachte te kampen heeft met medische problemen. Het hof heeft de behandeling van de zaak verschillende keren aangehouden om de verdachte in de gelegenheid te stellen dit zelf toe te lichten. Het hof wilde met hem in gesprek gaan over hetgeen hem wordt verweten en over zijn persoonlijke omstandigheden. Hij heeft van die gelegenheid geen gebruik gemaakt. Het hof betreurt dit omdat daardoor weinig inzicht kon worden verkregen in zijn situatie. Hoewel de verdachte niet eerder strafrechtelijk is veroordeeld, vindt het hof de opgelegde straf passend en geboden. Dit gelet op de ernst van het misdrijfZwaar strafrechtelijk vergrijp. De strafwetgeving onderscheidt overtredingen en misdrijven. Overtredingen worden in de regel in eerste aanleg berecht door de kantonrechter, misdrijven door de afdeling strafrecht van de rechtbank. en de gevolgen die dit soort feiten met zich brengen.
Schadevergoeding
De verdachte is ook veroordeeld tot betaling van schadevergoeding aan het slachtoffer. Het hof heeft een bedrag van € 56,84 aan materiële schadeSchade die direct in geld is uit te drukken. en € 500,- aan immateriële schadeSchade die veroorzaakt is door verdriet, smart of geestelijk gemis. Deze schade is (in tegenstelling tot materiële schade) niet direct in geld uit te drukken. De vergoeding die wordt uitgekeerd om immateriële schade te vergoeden heet smartengeld. toegewezen.