22 jaar gevangenisstraf voor moord(aanslag) in Amsterdam-West
Nietsontziend en afschuwwekkend
Het hof acht bewezen dat de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. op 16 mei 2021, samen met twee andere verdachten, in een bestelbusje de slachtoffers urenlang heeft opgewacht. Toen de auto van de slachtoffers de parkeergarage uitreed, zijn de verdachte en een andere verdachte het busje uitgesprongen en hebben zij met automatische vuurwapens direct het vuur geopend. Er is minimaal 36 keer geschoten en de kogelregen strekte zich uit tot een afstand van vele honderden meters. De verdachte heeft verklaard dat A.B. het doelwit was. In hun poging om hem te liquideren hebben de verdachten echter dusdanig, nietsontziend gehandeld, dat Mintjes daarvan het dodelijke slachtoffer is geworden. Volgens het hof mag het een wonder heten dat er niet meer (dodelijke) slachtoffers zijn gevallen.
Na de schietpartij zijn de verdachten in het bestelbusje gevlucht naar een nabijgelegen parkeerplaats, op enkele minuten rijden. Daar is het voertuig, met daarin de automatische vuurwapens, in brand gestoken. De verdachten hebben daarbij brandwonden opgelopen. Verschillende buurtbewoners hebben verklaard over een harde knal of explosie, en rennende en schreeuwende mannen die kennelijk in brand stonden. Ook deze buurtbewoners zijn volgens het hof ongewild getuige geweest van het afschuwwekkende handelen van de verdachten.
22 jaar gevangenisstraf passend
Eerder veroordeelde het hof de twee andere verdachten tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 jaar. Het hof vindt deze straf in dit geval niet passend. Dat geldt ook voor de eisStrafrecht: Straf die de verdachte volgens de officier van justitie zou moeten krijgen. Civiel recht: wat iemand in een rechtszaak eist van de tegenpartij. van het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten..
Het hof legt in een uitgebreide strafmotivering uit hoe het tot de opgelegde straf is gekomen. Het hof besteedt daarbij aandacht aan de gewijzigde proceshouding van de verdachte. De verdachte heeft namelijk in de fase van het hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. alsnog bekennende verklaringen afgelegd en spijt betuigd. Het hof gaat in zijn arrest in op die spijtbetuiging. Ook besteedt het hof aandacht aan de rapporten die door een psychiater en een psycholoog over de verdachte zijn opgemaakt. Volgens deze deskundigen heeft de verdachte een autismespectrumstoornis en een licht verstandelijke beperking en kunnen de feiten hem niet volledig worden toegerekend. Het hof oordeelt uiteindelijk dat hoewel de feiten die de verdachte heeft gepleegd buitengewoon ernstig zijn en het leed dat hij daarmee heeft veroorzaakt immens groot is, met het opleggen van een gevangenisstraf van 22 jaar voldoende recht wordt gedaan. Ook legt het hof aan de verdachte een gedragsbeïnvloedende of vrijheidsbeperkende maatregel (GVM) op, voor na de gevangenisstraf.
De verdediging had verzocht om het jeugdstrafrechtStrafrecht voor jongeren tussen de 12 en 18 jaar. Kinderen jonger dan 12 jaar kunnen niet strafrechtelijk worden vervolgd. Bij het jeugdstrafrecht vinden zittingen achter gesloten deuren plaats. De leeftijdsgrenzen kunnen variëren. 16- en 17-jarigen kunnen volgens de regels van het volwassenenstrafrecht worden berecht als de ernst van het delict, hun persoonlijkheid of de omstandigheden waaronder het feit is begaan daar aanleiding voor geeft. Jongeren van 18 tot 23 jaar kunnen op grond van hun persoonlijkheid volgens de regels van het jeugdstrafrecht berecht worden. De rechter bepaalt welk recht van toepassing is. toe te passen. De verdachte was ten tijde van het plegen van de feiten 21 jaar en volgens de verdediging is het nog mogelijk om hem pedagogisch te beïnvloeden. Het hof heeft dit verzoek afgewezen. Gelet op de rapporten van de psychiater en de psycholoog, die op de zitting van het hof als deskundigen zijn gehoord, heeft het hof besloten om het volwassenenstrafrecht toe te passen.
Schadevergoeding
Aan de ouders van Mintjes, die zich als benadeelde partijen in het strafproces hebben gevoegd, zijn door het hof schadevergoedingen toegekend wegens onder meer affectieschade.