Amsterdam|

19 jaar en 11 maanden cel en tbs voor doodslag op 3 slachtoffers

Een 49-jarige man is in hoger beroep veroordeeld tot een gevangenisstraf van 19 jaar en 11 maanden en de maatregel van tbs met dwangverpleging. Dat heeft het gerechtshof Amsterdam vandaag beslist. Het hof acht bewezen dat de man 3 vrouwen, M.R., M.M. en S.O., heeft gedood en het stoffelijk overschot van S.O. heeft weggemaakt. De rechtbank sprak de man eerder vrij in de zaken van M.R en S.O en legde een gevangenisstraf van 14 jaar en 5 maanden en tbs met dwangverpleging op. Zowel de verdediging als het Openbaar Ministerie stelden hoger beroep in. Het Openbaar Ministerie vorderde in hoger beroep een bewezenverklaring van alle 3 de feiten en de verdediging bepleitte integrale vrijspraak.

Cold cases

Van de bewezen verklaarde feiten zijn 2 cold cases, die plaatsvonden in 2003 en 2004. Naar aanleiding van de verdenking van de man van het 3e feit in 2017 is het onderzoek in die cold cases opnieuw opgepakt, hetgeen tot nieuw bewijsEen document of stuk dat een standpunt ondersteunt. heeft geleid. 

Doodslag zonder lijk

Het lichaam van het slachtoffer uit 2017, S.O., is ondanks uitgebreide zoekacties nooit gevonden. Het hof concludeert op grond van een groot aantal omstandigheden dat er buiten redelijke twijfel van kan worden uitgegaan dat ook dit slachtoffer door toedoen van geweld is overleden en dat de man de dader(Mede)pleger van een strafbaar feit of degene die het feit heeft uitgelokt. is.

Ernst van de feiten

De 3 doodslagen die de man heeft begaan en de wijze waarop dit is gebeurd, hebben veel beroering, afschuw en gevoelens van angst en onveiligheid in de maatschappij veroorzaakt. De man heeft 3 jonge en kwetsbare vrouwen hun recht op leven ontnomen en hun nabestaanden onherstelbaar en onnoemelijk veel leed aangedaan. De man ontkent dat hij de feiten heeft gepleegd en heeft dus geen verantwoordelijkheid genomen voor zijn handelen. Met deze houding heeft de man de verwerking van het verlies voor de nabestaanden ernstig in de weg gestaan. 

Straf en tbs

Het hof vindt alleen de hier op te leggen maximale gevangenisstraf van 19 jaar en 11 maanden passend en geboden. Daarbij heeft het hof, evenals de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt., de maatregelEen maatregel kan worden opgelegd na het begaan van een strafbaar feit. Er kunnen maatregelen worden opgelegd in plaats van een straf of naast een straf. Voorbeelden zijn: terbeschikkingstelling (tbs), plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis, ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, onttrekking van voorwerpen aan het verkeer. van terbeschikkingstelling (tbs) met dwangverpleging opgelegd. Het hof acht het recidiverisico onaanvaardbaar hoog als de man na detentie zonder behandeling terugkeert in de maatschappij.

Vorderingen van de benadeelde partijen

Het hof heeft de man veroordeeld tot betaling van vergoeding van materiële schadeSchade die direct in geld is uit te drukken. die nabestaanden hebben geleden. Nabestaanden hebben ook om vergoeding van zogenoemde shockschade gevraagd. De criteria voor toewijzing daarvan zijn zeer streng en het hof komt tot de conclusie dat slechts 1 nabestaande daarvoor in aanmerking komt.