Gebruik van kraamkooien bij varkens moet opnieuw worden onderzocht
Het College van BeroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een rechter. voor het bedrijfsleven (CBb) oordeelt dat de minister niet zorgvuldig en goed gemotiveerd de gevraagde handhaving tegen kraamkooien heeft afgewezen. De minister erkent dat zeugen door kraamkooien lijden als gevolg van het gebrek aan bewegingsvrijheid. Waarom er desondanks een redelijk doel is gediend met het gebruik van kraamkooien, heeft de minister niet duidelijk gemaakt. De minister heeft niet onderbouwd of de biggensterfte bij de varkenshouderij vermindert door het gebruik van kraamkooien en -zo ja- of daarvoor een langer gebruik dan drie of vier dagen na de geboorte nodig is. De minister heeft ook niet goed gemotiveerd waarom de inperking van de leefruimte van een zeug op zichzelf al niet in strijd is met de wet.
De minister moet nieuw onderzoek doen bij de varkenshouderij en binnen nu en acht weken een nieuw besluit nemen.
Deze uitspraak is definitief, het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) is de eindrechter in deze zaak. De volledige uitspraak is via onderstaande link te raadplegen. Bij verschil tussen dit persbericht en de volledige uitspraak is laatstgenoemde beslissend. Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met: Celeste de Wit, afdeling persvoorlichting, tel. 06 22812976 of Administratie CBb 088 362 3910.